De zwarte steen van Rome

De Romeinen wisten het eigenlijk zelf ook niet meer: wat was dat voor geheimzinnige ruimte, daar onder het Forum Romanum? Dat het een heilige plek was stond vast. Maar was dit nou het graf van de eerste koning van Rome, Romulus? Of toch de plek waar de koningen het volk toespraken? Een op deze plek gevonden inscriptie, de oudste in het Latijn, licht slechts een tip van de sluier op.


In het Museo Nazionale Romano staat een replica van de originele steen, met daarop de tot nu toe oudste ons bekende Latijnse inscriptie.

Lapis niger noemden de Romeinen deze plek, vlak voor de ingang van de Curia Julia. Letterlijk betekent dit ‘zwarte steen’. De oorsprong van deze naam kan verwijzen naar de zwarte steen met de inscriptie, maar ook naar de zwarte marmeren weg die later over dit heiligdom heen werd gelegd.


De Curia Julia (rechts) en de triomfboog van Septimius Severus (links) flankeren het gebied waar de steen met de oude inscriptie is gevonden. Het heiligdom ligt verborgen onder de steigerconstructie die op de foto te zien is tussen de Curia en de triomfboog. 

Voor de oorsprong van deze heilige plek moeten we terug naar de eerste helft van de 6e eeuw voor Christus. Het was de tijd dat de Etruskische koningen over Rome heersten. Hun macht reikte nog niet verder dan de directe omgeving van de stad. De steen is waarschijnlijk tussen 570 en 550 voor Christus op zijn plek gezet op het Comitium: het plein waar de Romeinen samenkwamen voor de volksvergadering en religieuze bijeenkomsten. In de tweede helft van de vierde eeuw kwam daar een altaar bij, in het begin van de derde eeuw voegden de Romeinen nog een zuil toe.

Vermoedelijk werd op deze plek Vulcanus aanbeden, de god die in verband wordt gebracht met de taken van de koning op het Comitium. De koning had namelijk niet alleen een politieke functie: ook op religieus gebied ging hij de Romeinen voor. Zo bracht hij regelmatig een offer aan de goden op het Comitium. In de eerste eeuw voor Christus hebben achtereenvolgens Sulla en Julius Caesar het Comitium flink verbouwd. Een van hen liet een nieuwe bestrating aanbrengen, waardoor het oude heiligdom onder de grond verdween. De steen met de inscriptie werd daarbij flink beschadigd, want het bovenste deel werd er af gehakt. Bovenop de straat van zwart marmer werd een nieuw, veel kleiner heiligdom geplaatst.

De steen, die in 1899 werd herontdekt tijdens archeologisch onderzoek, bevat de oudst bekende inscriptie in het Latijn. De tekst is geschreven zoals een os een veld ploegt: van links naar rechts en van rechts naar links. Wie goed naar de letters kijkt, ziet dat ze erg op het Griekse alfabet lijken. Dat is niet zo gek, want de volken in Italië namen via de Griekse kolonies dit alfabet over. In de loop der eeuwen is dit geëvolueerd tot wat we nu als het Latijnse alfabet kennen.

Maar ja, wat staat er nou eigenlijk op die mysterieuze steen? De exacte betekenis van de tekst is moeilijk te achterhalen, omdat van elke regel een groot deel ontbreekt. Wat wel duidelijk is: in de tekst wordt gesproken over een heilige plek (sakros) en over een koning (regei). De inscriptie lijkt te gaan over een ritueel dat op het Comitium door de koning werd uitgevoerd. De Romeinen worden gewaarschuwd dat een ieder, die deze plek ontheiligd, vervloekt wordt.


Ruim voordat de op deze foto zichtbare monumenten werden gebouwd bevond zich op deze plek het Comitium: eigenlijk een groot plein waar de Romeinse volksvergadering samenkwam en waar de koning (en na afschaffing van de monarchie de offerkoning) onder meer offers aan de goden bracht. Het Comitium werd door de bouw van de Curia Julia flink verkleind.